De zorgspecifieke fusietoets (Zft): wat houdt het in?

Sommige zorgaanbieders die willen fuseren, overnemen of samenwerken, krijgen te maken met de zorgspecifieke fusietoets (Zft). Deze is sinds 2014 verplicht en heeft als doel de kwaliteit en continuïteit van zorg te beschermen. Voordat een fusie of overname mag plaatsvinden, moet de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) goedkeuring geven. Houdt een zorgaanbieder zich niet aan de regels, dan kan dat leiden tot boetes.

In deze blog leggen ondernemingsrechtspecialisten Arnoud Snoei en Bob van Zijl uit wanneer de Zft geldt, hoe de procedure bij de NZa verloopt en wat de risico's zijn van overtreding.

Wanneer en voor wie geldt de Zft?

We vinden de Zft in artikel 49a en verder van de Wet marktordening zorg (Wmg). Voor de vraag wanneer goedkeuring moet worden gevraagd bij de NZa is vooral van belang of sprake is van een 'concentratie' en of het om een 'zorgaanbieder' gaat.

Wat wordt bedoeld met een ‘concentratie’?

Het begrip 'concentratie' komt uit de Mededingingswet. Daarin staat dat er sprake is van een concentratie wanneer twee of meer onafhankelijke ondernemingen (waarvan voor de Zft minimaal één zorgaanbieder) samen een nieuwe onderneming vormen of volledig opgaan in een nieuwe onderneming.

Het kan bij concentratie gaan om een juridische fusie tussen twee zorgaanbieders. Ook in de gevallen waarin er een nieuwe economische eenheid ontstaat - bijvoorbeeld bij een bestuurlijke fusie of een bedrijfsfusie - kan sprake zijn van een concentratie. Hetzelfde geldt wanneer de ene zorgaanbieder zeggenschap krijgt over activiteiten van een andere zorgaanbieder, bijvoorbeeld door een overname van aandelen. Tot slot kan een concentratie ontstaan bij de vorming van een joint venture door afzonderlijke zorgaanbieders, bijvoorbeeld door de oprichting van een samenwerkingsvennootschap of door het aangaan van een vennootschap onder firma – al dan niet tussen vennootschappen.

Wanneer is sprake van een ‘zorgaanbieder’?

Als sprake is van een concentratie, moet de Zft in acht worden genomen wanneer bij die concentratie ten minste één zorgaanbieder betrokken is. Het begrip 'zorgaanbieder' wordt gedefinieerd in de Wmg. Een zorgaanbieder is:

  1. een persoon of rechtspersoon die beroeps- of bedrijfsmatig zorg verleent; of
  2. een persoon of rechtspersoon die tarieven in rekening brengt in het kader van de zorgverlening door een (rechts)persoon genoemd onder (1).

Een zorgaanbieder hoeft dus geen onderneming te zijn, zoals dat onder de Mededingingswet wel geldt.

De Zft is niet van toepassing als de bij de concentratie betrokken zorgaanbieders beiden in de regel door minder dan vijftig personen zorg (doen) verlenen.

Hoe verloopt een goedkeuringstraject bij de NZa?

De aanvraag tot goedkeuring bij de NZa moet door de zorgaanbieder(s) worden gedaan. Zij moeten met een bijgevoegd rapport inzicht bieden in:

  1. de doelen van de concentratie;
  2. de redenen voor concentratie;
  3. de structuur van de beoogde organisatie van de zorgaanbieder of zorgaanbieders;
  4. de financiële gevolgen van de concentratie voor de zorgaanbieder of zorgaanbieders;
  5. de gevolgen van de concentratie voor de zorgverlening aan de cliënt;
  6. de risico’s van de concentratie voor de kwaliteit en bereikbaarheid van de zorg en de wijze waarop die worden ondervangen;
  7. de wijze waarop overleg is gepleegd met betrokkenen over het voornemen om een concentratie tot stand te brengen en de wijze waarop met de inbreng van betrokkenen is omgegaan;
  8. de wijze waarop en het tijdsbestek waarbinnen de concentratie zal worden gerealiseerd.

Om duidelijkheid te bieden over deze bovenstaande eisen, heeft de NZa zelf een uitgebreide toelichting opgesteld.

De beoordeling door de NZa

De NZa weigert goedkeuring aan de voorgenomen concentratie alleen indien:

  1. cliënten, personeel en andere betrokkenen niet op een zorgvuldige wijze zijn betrokken bij de voorbereiding van de concentratie;
  2. als gevolg van de concentratie de continuïteit van zorg in gevaar komt;
  3. het rapport bij de aanvraag onvoldoende inzicht biedt in de te verwachten effecten van de beoogde concentratie;
  4. de Inspectie gezondheidszorg en jeugd (IGJ) een onderzoek doet naar de kwaliteit van zorg.

In andere gevallen verleent de Nza dus in principe haar goedkeuring aan de voorgenomen concentratie. Aan een goedkeuring kunnen door de Nza ook voorwaarden, voorschriften en beperkingen worden verbonden.

In spoedeisende gevallen kan de NZa op verzoek van de aanvrager ontheffing verlenen - al dan niet onder beperkingen - van het verbod om een concentratie zonder goedkeuring tot stand te brengen. Dat kan alleen als de NZa een redelijk vermoeden heeft dat zij haar goedkeuring zal gaan verlenen. Aan een ontheffing kan de NZa binnen vier weken nadere voorwaarden of voorschriften verbinden.

Zodra de NZa haar goedkeuring heeft verleend, is het Zft-traject voltooid en kan de voorgenomen concentratie worden gerealiseerd (afgezien van eventuele andere wettelijke restricties). Het besluit van de Nza is een bestuursbesluit. Dit betekent dat er bezwaar en beroep tegen kan worden ingediend.

Wat gebeurt er bij overtreding van de Zft?

Vindt een concentratie plaats zonder goedkeuring, dan kan de NZa een boete opleggen tot €500.000,- of 10 procent van de omzet van de zorgaanbieder in Nederland - afhankelijk van welk bedrag hoger is. De boete wordt door de NZa op basis van de Beleidsregel Bestuurlijke boete vastgesteld. Daarbij wordt rekening gehouden met het volgende:

  1. De zwaarte van de overtreding: een overtreding van de Zft wordt over het algemeen als zeer zwaar bestempeld;
  2. De ernst van de overtreding: dit gebeurt aan de hand van de economische context, de eventuele aanmerkelijke marktmacht van de overtreder, de onomkeerbaarheid van de gevolgen en de vraag in hoeverre het belang van de consument/cliënt dan wel het belang van de zorg in dit concrete geval zijn geschaad; en
  3. Eventuele bijkomende verzwarende of verzachtende omstandigheden.

Geldigheid vorming concentratie

Hoewel een boete in financiële zin natuurlijk ingrijpend kan zijn voor de zorgaanbieder, wordt de juridische geldigheid van de concentratie in principe niet aangetast. Met andere woorden: een fusie, een levering van aandelen of een oprichting van een joint venture-vennootschap is in principe nog steeds geldig, ook al is er geen goedkeuring verleend door de NZa voor het tot stand brengen van de concentratie. Wel zou een rechter bijvoorbeeld kunnen oordelen dat bestuurders of toezichthouders die de concentratie zonder goedkeuring tot stand brengen of goedkeuren aansprakelijk zijn. Uiteraard is het advies zorgvuldig om te gaan met de Zft en bij fusies, overnames en samenwerkingen tijdig na te gaan of goedkeuring van de NZa is vereist.

Slot

Heeft u als zorgaanbieder het voornemen een fusie, overname of samenwerking tot stand te brengen en vraagt u zich af hoe het in uw geval zit met de zorgspecifieke fusietoets, neem dan gerust contact op met één van de specialisten van de Ondernemingsrechtafdeling van Westvaer.

Neem contact op

Terug naar overzicht

Arnoud Snoei - Arnoud is kandidaat-notaris bij Westvaer op de afdeling ondernemingsrecht. Hij heeft verregaande kennis van de ondernemingsrechtelijke aspecten van de zorg. Hij won in 2022 de scriptieprijs van de Vereniging voor Ondernemingsrechtspecialisten Notariaat (VON) voor zijn masterscriptie over winstuitkeringen in deze sector en is co-auteur van een hoofdstuk in het Handboek Semipubliek Ondernemingsrecht.

Neem contact op met Arnoud

Bob van Zijl - Bob is toegevoegd notaris bij Westvaer en heeft vele jaren ervaring in het notariaat. Zijn passie ligt bij het ondernemingsrecht en hij ziet het als zijn taak om klanten vakkundig en snel advies te geven in begrijpelijke taal. Hij adviseert over bedrijven over oprichtingen, herstructureringen, splitsingen, fusies en overnames, governance, certificering en bedrijfsopvolging.

Neem contact op met Bob